New technology

Keep calm when the next big consultancy firm will tell you some new technology will change your business

Monday morning not long ago, I received an email from a marketing manager working at a large energy company. She wanted to do ‘something with AR/VR’. The technology should be used to promote new consumer energy products on events throughout Europe. Here is how that project went.

I know, especially marketeers, are attracted to new technology. I am too. They see the potential of looking cool to the outer world, and, well, although they will not always admit it, having your own app running on VR glasses will make you look cool internally as well. It is not about a businesscase, it’s PR. And that is ok, as long as you agree on that. You can start a project just because you want to find out what a new technology can do for you. And, needless to say, since you are experimenting, you might fail.

I told the lady who wrote me, it is dangerous to take a technology as a basis for a project, rather then a customer or a problem, and then demand an immediate success. We are on uncharted territories and we should use it to learn. So either use such a project as a showcase or do user research and see which technology could be used best to create the solution. If its AR, or VR, then fine. Otherwise, use something else.


So, of course, I ended up doing a project with extremely high stakes and expectations. It could not fail because they already told everybody about it. It took about an hour with the development team to know we could never deliver what this marketing lady had in mind. She had seen movies on youtube with the most marvellous AR and VR experiences. She did not realise these are created with Aftereffects (so manipulated), rather than real life footage. Products like Hololens or Magicleap are impressive, but not really mature. And using these products in live settings, well, that does not happen all that much.

We found that interacting with augmented reality is rather hard. You need to navigate in a three dimensional space and make hand movements in mid-air, without haptic feedback. That requires some practice. And people visiting a seminar do normally not have this kind of practice. So combined with the low resolution images, the audience would not be very impressed with the MVP that was created. Also, our client needed to invest in 4 glasses, because the battery only lasts about 2 hours.

After months of work the marketing manager also found out this would not be the key to fireworks. What happened? A new pitch was arranged with 2 other agencies. My team was also granted a time slot to have a second chance. We kindly declined.

The lessons I have learned? All new technologies, like AI, IoT, VR, AR, chatbots and Blockchain (pff, remember blockchain?) have a scent of magic. But they are usually being oversold. Big consultancy firms keep on writing how it will change your business, nay, everyone’s live, nay, the universe! And so everybody gets nervous and wants to jump on the train. But new technologies come and go, not everything is suitable to spice up the lives of your clients. You will need to find out and experiment. And hire someone who can tell you in all honesty, without emptying your pockets what the possibilities and limitations are. Better yet, start with finding a solution to a problem, just like in the old days and see how new technology can be of assistance. It will save you some money. And a headache.

Standaard
Customer Experience

Dingen waar we het eigenlijk niet meer over hoeven te hebben

Core-business

Leuk he, die design thinking sprints? Iedereen spuit van de energie, nieuwe ideeën vliegen je om de oren en er wordt ook nog iets in korte tijd gemaakt. Heerlijk. Zo zijn de Tikkies van deze wereld geboren. Verfrissende ideeën die snel kunnen worden gemaakt omdat we gelukkig niet afhankelijk zijn van ons IT landschap. Maar als we eerlijk zijn, zijn dit soort ideeën leuk, maar lossen ze de essentiële zaken niet op; een fijne ervaring met onze core-dienstverlening. Een klant een factuur laten betalen met iDeal? Die dan ook direct verwerkt is? Dat is toch minder sexy. Of misschien een bankrekening laten openen binnen 10 minuten, terwijl je geïdentificeerd en geverifieerd bent? Online een afspraak maken? Toch ligt hier de kern van het neerzetten van een goed digitaal product. Niet van die mooie vlaggen op de modderschuit.

Backlog

Als je goed kijkt naar bedrijven die hun digitale zaken op orde hebben (bunq, uber, amazon) dan kunnen we daar wel een aantal ‘best practices’ uithalen. Zaken die we eigenlijk niet meer zouden moeten zien als innovatie, maar als noodzakelijk. Veel bedrijven zouden erbij gebaat zijn om deze zogenaamde hygiëne factoren op een backlog te zetten en ze 1-voor-1 op te lossen. Parallel kun je dan natuurlijk nog wel echt innoveren, maar bedenk wel altijd wat het meeste waard is voor je klanten. Design sprints kunnen overigens prima werken om deze zaken uit te werken. We weten immers wel ‘wat’ maar nog niet ‘hoe’.


Klaar voor de toekomst

Om aan te geven over welke zaken we het hebben, deel ik hier een lijst met succescriteria die ik door de jaren heen heb verzameld. Onderwerpen die je niet bedenkt na een lang en intensief creatief traject, maar die je gewoon moet aanpakken op een fijne creatieve manier die past bij je merk. Ik realiseer me hierbij terdege dat deze zaken gemakkelijk te bedenken zijn, maar wellicht zeer ingewikkeld zijn om uit te voeren. Maar als het bijna ondoenlijk blijkt om dit voor elkaar te krijgen met een bestaand IT landschap, dan moet er een andere discussie worden gevoerd. Krijg je dit namelijk niet snel voor elkaar, dan kun je in de toekomst zeker niet inspelen op grotere veranderingen. En dat is dan het verschil tussen winnen en verliezen.

De hygiëne factoren

  • Uw klanten kunnen producten direct online afsluiten. Een product is binnen 10 minuten te gebruiken. Dat betekent ook het volgende:
    • Klanten kunnen online geidentificeerd worden
    • Klanten kunnen direct gevalideerd worden (bijv. creditwaardigheid etc)
    • Klanten kunnen digitaal ondertekenen / accorderen
    • Producten worden on-the-fly ingericht en actief
    • Opzeggingen worden on-the-fly doorgegeven aan uw concurrent
    • Eventuele ‘diepere’ verificatie vindt achteraf plaats waarna eventueel een roll-back plaatsvindt
  • Uw klant heeft inzicht in alle relevante zaken:
    • Facturen
    • Product of dienst dat wordt afgenomen
    • Gebruik
    • Persoonlijke gegevens en instellingen
  • Uw klant kan zelf wijzigingen doorgeven. Deze worden direct doorgevoerd:
    • Verhuizingen
    • Accountinstellingen
    • Wijzigingen aan een product
    • Opzeggingen
  • Uw klant kan facturen altijd direct online betalen. De betaling wordt dan ook direct verwerkt
  • Uw klant kiest zelf via welk kanaal ze contact wil zoeken voor vragen. Per kanaal is inzichtelijk hoe lang de wachttijd zal zijn. Beschikbaar zijn:
    • E-mail
    • Telefoon
    • Chat / whatsapp
    • Twitter / facebook
  • Uw klant kan overzicht krijgen, zaken aanvragen, wijzigingen doorvoeren of een service aanvraag doen op alle kanalen en devices.
  • Een aanvraag of wijziging is direct op alle kanalen zichtbaar (dus ook off-line in bijvoorbeeld een kantoor) en processen kunnen altijd tussentijds op een ander kanaal worden voortgezet.
  • Uw klant betaalt altijd het meest gunstige bedrag voor de producten en diensten. Hier hoeft niet om te worden gevraagd. Wanneer, op basis van het gedrag van de klant een ander product of dienst beter passend is, wordt de klant hier pro-actief over geïnformeerd.
  • Uw klanten kunnen altijd online meedenken over (nieuwe) producten & diensten, voorstellen doen of feedback geven
  • Uw klanten kunnen altijd terug zien wanneer ze in contact zijn geweest (ongeacht welk kanaal), waar dat contact over ging en wat de medewerker daarover heeft genoteerd (plus oplossing die eventueel is gegevens voor een probleem). Uw klant kan ook de status van een aanvraag bekijken.
  • De FAQ is gekoppeld aan uw servicecentre en toont daadwerkelijk de meest frequente vragen
  • Als u producten levert of afspraken maakt met u klant is het voor de klant duidelijk wanneer dit plaatsvindt, met een nauwkeurigheid van 30 minuten
  • Uw klanten kunnen altijd zelf tijden / leveradressen wijzingen tot 24 uur voor bezorging / afspraak
  • Heeft u te maken met klanten die transacties kunnen betwisten? Dan loopt dit proces volledig online, inclusief de beoordeling
Standaard
tropical_island
New interfaces, Speech, Trends

Goedemorgen website, ik wil wel naar de zon

Toen ik in 1999 begon op de universiteit (ja opa, vertel meer…), gingen de meeste experimenten die er werden gedaan bij mijn studie over zoekmachines, text-2-speech en speech-2-text. Deze onderwerpen leunen overwegend op een grondige kennis van grammatica en statistiek. De resultaten die we verkregen waren buggy, bevatten gênant veel fouten en elke computer die iets kon zeggen, klonk als Stephen Hawking.

Vorige week lanceerde Apple de Nederlandse variant van Siri. Ik zat in mijn auto en luisterde naar de radio waar de DJ een kleine test deed. In zijn uitzending riep hij ineens: “Hey Siri, zet een alarm voor 5 uur ’s ochtends”. Op de passagiersstoel naast me lichtte het schermpje op en ja hoor, Siri had een alarm gezet! Ik moest ingrijpen en hem zeggen dat hij dat alarm maar moest afzetten. Daarna zei ik tegen Siri dat hij een eikel is dat hij een alarm zo vroeg durft te zetten en die snotneus reageerde dat hij het niet leuk vond om zo genoemd te worden. Echt! En dat was het moment dat ik bedacht dat al die experimenten die we in ’99 hadden gedaan, met al die fouten, nu blijkbaar volwassen genoeg is geworden om verscheept te worden in een iPhone (en je weet, als Steve dat niet goed genoeg had gevonden…). Mijn telefoon interpreteert wat ik zeg en spreekt me toe met een redelijk natuurlijke intonatie.

Nou is het zo dat interactie met een telefoon wel wat gemakkelijker is dan het daadwerkelijk begrijpen van een taal. De telefoon ‘begrijpt’ alleen een beperkte set voor de hand liggende commando’s en weet hoe ze daar op moet reageren. Maar met de nieuwe, kleinere wearables op komst, zoals smartwatches, zal spraak een steeds belangrijkere interface worden, simpel weg omdat er geen ruimte is voor fysieke inputdevices of een scherm. En daar lieve mensen, zijn we nog helemaal niet op voorbereid.

Gesteld nu dat je naar de website van je favoriete airline gaat en er gewoon een normale conversatie mee kunt hebben. Je vertelt wat je wilt, de site vraagt je om nog wat extra informatie, je krijgt een voorstel en je boekt een ticket. Zonder het gebruik van een keyboard of scherm. Hoe zien zoekresultaten er uit als je alleen maar van spraak gebruik kunt maken? We zullen veel beknopter moeten zijn, wil een gebruiker het allemaal kunnen onthouden en het proces mag ook niet te lang duren omdat we anders de draad kwijtraken.

Opdrachten zullen ook minder specifiek worden. Let maar eens op hoe je Siri toespreekt. Prop je te veel opdrachten in 1 zin, dan struikel je over je woorden, begin je te hakkelen en snapt Siri het niet meer. In een conversatie bouwt de beschikbare informatie zich op in een duidelijke wisselwerking. Een assistent zal dus moeten filteren door relevante vragen te stellen. Maar filteren gebeurd ook zeker op andere vlakken. Net als dat je een reisbureau bezoekt, waar de medewerker een brede vraag ook zal filteren op basis van eigen ervaring, ervaring van andere klanten en wellicht hele voor de hand liggende zaken als een aanbieding.

We zullen ook in toenemende mate te maken krijgen met meer hybride interfaces. Een trend voor de komende jaren is om service meer te integreren in webshops. In normale winkels gaat shoppen en service veel meer hand-in-hand. Je kijkt rond en een medewerker helpt je om te vinden wat je zoekt. Een webshop is nu alleen maar functioneel. Wat nou als je tijdens het browsen een conversatie kunt hebben we de website? Een robot die de informatie op je scherm veranderd en relevanter maakt op basis van die conversatie. “Wat dacht je van dit product?”, “We hebben deze ook in het groen, die zal ik je even laten zien…”. De robot leert natuurlijk van het gesprek en wordt steeds relevanter.

We staan aan het begin van een nieuw tijdperk. Een tijdperk waarin al die experimenten die we deden nu eindelijk bruikbaar worden en waar we kunnen gaan nadenken over hoe we spraak kunnen toepassen als een bruikbare user interface. Het vakgebied van interactie designers, user experience designers en de jongens en meiden van de analytics en optimalisatie krijgt hier een hele nieuwe dimensie. Dat lijkt me fantastisch! Laat het experimenteren beginnen!

Standaard
Big Data, Optimalisatie, Relevantie

It’s the data, stupid

Een aantal weken geleden namen ING en Rabobank een verkeerde stap in de juiste richting. We zagen kort de worsteling van veel bedrijven die ‘zitten’ op hun klantdata. Een potentieel machtige bron van inkomsten met een uitdagende hamvraag: hoe kunnen we met die data geld verdienen? Dat terwijl de vraag zou moeten zijn: hoe kunnen relevant worden en blijven?

De financials staan daarin niet alleen. Ook telco’s, energiemaatschappijen en supermarkten zitten op een berg aan waardevolle data. En de meest voor de hand liggende oplossing is om geld te verdienen door die data ter beschikking te stellen aan derden.
Klanten blijken echter gehecht te zijn aan hun privacy. De ophef rondom ING was daarom te verwachten. Albert Heijn heeft dit proefballonetje immers ook wel eens onsuccesvol opgelaten.

In de VS is de consument al veel meer gewend aan het idee dat eigen gegevens door een bank of telco worden doorverkocht. De vraag is echter wat een consument daar voor terug krijgt. Dat kan liggen in betere service of lagere prijzen. In de VS bieden veel bedrijven API’s om de consument zelf toegang te geven tot haar eigen gegevens. Zo is het voor een consument veel gemakkelijker om eigen gegevens beschikbaar te stellen aan andere partijen. Daarom springen daar startups die zich specialiseren in inzicht-verschaffende dashboards voor consumenten als paddestoelen uit de grond.

“Corporates die hun waardeketen niet goed in de gaten houden lopen grote kans om voorbij te worden gelopen door disruptive competitors”

Veel startups bieden producten en diensten die oorspronkelijk het domein waren van banken en telco’s. We kunnen vandaag de dag betalingen verrichten zonder dat we daarbij een bank nodig hebben. We bellen en SMS’en zonder dat we een mobiel abonnement hoeven te hebben. En we kunnen bijdragen aan het succes van een nieuw bedrijf door middel van crowdfunding. Bedrijven zelf ontwikkelen steeds vaker nieuwe producten buiten het eigen domein. Zo vist men steeds meer in elkaars vijver. Corporates die daarbij hun waardeketen niet goed in de gaten houden lopen grote kans om voorbij te worden gelopen door disruptive competitors.

De toegevoegde waarde van nieuwe diensten zou veel groter kunnen zijn als men die gekoesterde kantdata eens goed zou analyseren. Optimale relevantie ontstaat als een product optimaal op een individuele klant is afgestemd. Bedrijven moeten nieuwe initiatieven ontwikkelen die zich bewust zijn van elkaar en elkaar versterken. Zo ontstaat er synergie en werkelijk toegevoegde waarde voor een consument.

Hiervoor moet een organisatie vaak drastisch veranderen. Men is nu gewend om in silo’s producten te ontwikkelen en die manier van werken gaat niet meer op. Corporates moeten zich meer als startups gaan gedragen. De organisatie wordt dan een systeem van initiatieven die elk een grote mate van vrijheid kennen, maar wel centraal gecoördineerd worden.

ING had beter kunnen beginnen met de data van hun klanten te gebruiken voor het verbeteren van hun diensten. Met de data had ze die veel relevanter kunnen maken. Vervolgens zou men zich zo moeten organiseren dat producten en diensten niet onafhankelijk van elkaar worden ontwikkeld maar ze die ontwikkelen in een vast eco-systeem, gericht op het creëren van ultieme gebruikerservaring. Bedrijven die dat voor elkaar krijgen en zich meer gaan gedragen als een disruptive startup, zijn de absolute winnaars van morgen.

Standaard
Big Data, Event verslag, Privacy

De Correspondent over macht en data

Stel, u gaat volgende week op vakantie. Met het vliegtuig. U bent 3 uur van te voren op Schiphol omdat er lange rij dreigt bij de douane. Daarna moet u uw tassen laten scannen, waar u uw flesje met contactlenzenvloeistof moet weggooien – dat gaat zo maar niet meneertje – uw schoenen moet uittrekken, uw riem af moet doen en uw horloge in het bakje moet leggen, samen met uw telefoon. Voordat u het vliegtuig ingaat moet u nog een gesprekje voeren met een lompe beer over wat u te zoeken hebt op uw vakantiebestemming. Uw gegevens uit uw paspoort, inclusief vingerafdruk, worden alvast vooruit gestuurd.

Tenminste, dit denk u. Gesteld nou dat Schiphol heeft geluisterd naar de 3 sprekers op de ‘Correspondent’-avond op 4 Maart in Utrecht. U komt op Schiphol en alle douane is weg. U vraagt bevreemd aan een medewerker waar ze zijn gebleven en u krijgt te horen dat ‘we daar niet meer aan doen’. Geen controle, geen gegevens vastleggen en overdragen, geen gesprekjes. Wie het eerste in het vliegtuig is. En ja, er zal er wel eens één naar beneden sodemieteren vanwege een boze Arabier of Vegetarier, maar dat nemen we maar op de koop toe.

Voelt vreemd nietwaar? Toch was dit de strekking gisteravond bij ‘de Correspondent’. Bedrijven en overheden hebben een enorme data-honger. Ze verzamelen alles over ons, zonder goed te weten wat ze met die gegevens moeten. Het idee dat wij massaal privacy inleveren om er vervolgens veiligheid of gezondheid voor terug te krijgen is onzin. Dat punt zullen we nooit bereiken. Dus misschien moesten we wat minder hongerig zijn.

“We moeten maar op de koop toenemen dat er af en toe iets misgaat. Dat hoort bij het leven”

Data wordt gebruikt om projecties in de toekomst te maken. Bedrijven proberen in te schatten of je een potentiële klant bent, verzekeraars willen graag weten hoeveel je gaat kosten. Politie gebruikt op dit moment actief systemen die burgers indeelt in risicogroepen. Heb je nog niets op je kerfstok, maar is het waarschijnlijk dat je je ooit zult misdragen, dan komt de politie wat vaker langs je huis gereden. En niemand die je dat verteld. Dat riekt toch wat naar discriminatie.

Justine Pardoel, de tweede spreker van de avond nam het electronisch kind dossier op de korrel. We laten van alles over onze kinderen en onze gezinnen vastleggen, omdat zorgverleners en hun periferie dat interessant vinden. We leveren privacy in voor een goed doel zo lijkt het: we voorkomen dat er een kind misbruikt of mishandeld wordt. Of erger. Maar dat voorkomen we er dus niet mee.

De pleidooien waren helder. Mensen die zeggen dat ze privacy graag inleveren omdat ze toch niets te verbergen hebben, zouden wat verder moeten denken. Maar ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat mensen het gewoonweg niet voelen, dat gevaar. Een collega van mij zei het treffend: “Ik werk in de internet branche en als iemand het zou moeten voelen, dan ben ik dat. Maar ik voel het niet.” We krijgen in ruil voor onze gegevens ook prachtige gratis producten zoals Gmail, Facebook en Whatsapp. Daar hebben we wel een pondje privacy voor over.

We gaan de komende jaren daar wel wat veranderingen in zien. Jaap Henk Hoekman sprak over ‘Privacy by Design’. Nieuwe applicaties en websites kunnen dezelfde functionaliteiten bieden, maar met veel meer oog voor onze privacy. Daarnaast zien we veel initiatieven waarbij mensen zelf de baas worden over hun gegevens. Dat ze die zelf gaan verhandelen met bijvoorbeeld Unilever. Het zijn tenslotte mijn gegevens, dus zou ik er ook het geld voor moeten zien (Zie bijvoorbeeld Handshake). Daarbij blijft natuurlijk het probleem dat consumenten vanaf daar niet meer kunnen overzien wat er verder mee gebeurd.

We staan aan de start van een data explosie. Als we nu alle data die we op het web hebben geproduceerd op a4-tjes zouden schrijven, dan zouden we een stapel naar Pluto kunnen leggen. En weer terug. En dat 30 keer. Maar dat is nog niets bij wat er de komende 10 jaar gaat gebeuren. Auto’s worden ‘connected’ en gaan met ons en met elkaar communiceren. Daar zullen verzekeraars en hulpdiensten natuurlijk op inspelen. Mijn huis is straks ‘verbonden’; nu al kan ik mijn verwarming op afstand bijstellen en uitlezen. Maar straks ook mijn verlichting, etc, etc. Dus als we nu al veel van onszelf laten lekken, dan wordt dat nog vele malen erger. Wellicht een goed idee om hier actief voorlichting in te geven.

De laatste opmerking uit het publiek gaf stof tot nadenken. Wellicht is er straks by default helemaal geen privacy meer. Mogen overheden en bedrijven alles van ons zien en weten. Maar – leven de marktwerking – we kunnen het dan natuurlijk wel gewoon kopen.

Beluister ook het verslag van de avond bij de eventcrashers. Met kritische inbreng van Peet Sneekes en Wybe Weysters.

Standaard
toekomst, Trends

Over 10 jaar hebben consumenten geen bank meer nodig

Sinds de financiële crisis kunnen banken op weinig sympathie meer rekenen van het publiek. Dat geldt eigenlijk voor alle grote ’ouderwetse bedrijven’, zoals Telco’s, energiemaatschappijen en pensioenboeren. Immers, een paar jaar geleden nog waren we bang om onze telefoon aan te houden op vakantie, sloten we woekerpolissen af en inmiddels lijkt er van onze pensioenen ook weinig meer over.

Zelfvoorzienend

De verandering in het klantgericht denken is in Nederland nog niet ingezet. Dat terwijl bedrijven in de VS die niet inzetten op een hoge klantwaardering het moeilijk hebben. In Nederland lijkt de verandering te komen vanuit de consument. Een ware opstand. Mensen lijken te denken: “dan doen we het zelf wel”. Daar waar het kan willen mensen zelfvoorzienend zijn.

“Dan doen we het zelf wel”

Collectieve initiatieven

Mensen kunnen hun eigen energie opwekken. En als dat niet op je eigen dak kan (of je hebt geen dak), dan kun je meedoen aan initiatieven waarbij bijvoorbeeld zonnecollectoren op scholen of sporthallen worden geplaatst. Ook op financieel gebied ontspruiten dit soort initiatieven als, laten we zeggen, spruitjes. Startups in de VS en sinds kort ook in Nederland kunnen hun funding krijgen vanuit Kickstarter (crowdfunding) en in Duitsland kun je met een groep vrienden een verzekering beginnen waarbij de groep maandelijks een bedrag inlegt en aan elkaar uitbetaalt wanneer er schade is ontstaan (Friendsurance). Peer-to-peer verzekeren, ofwel coöperatief verzekeren zonder een bank die het anders doet. De les hier is vooral dat er bedrijven zijn die verzekeren opnieuw proberen uit te vinden. Voor de Nederlandse markt, waar een ingewikkeld web is ontstaan van verzekeraars en tussenpersonen gaat dat enorme gevolgen hebben. Het zal niet lang duren voordat we op dergelijke wijze grotere zaken als auto’s, huizen of zorg kunnen verzekeren of financieren.

friendsurance

Nieuwe mogelijkheden om te betalen en te bezitten

In de Verenigde Staten zijn er veel mogelijkheden om in webshops te betalen, zonder dat die betaling loopt via een bank of een reguliere betaaldienst zoals Interpay of een Creditcardmaatschappij. Zo begonnen Google en Amazon beide met een ‘Check out’ dienst, waarbij je met Google of Amazon kunt betalen in niet-Google of Amazon webshops. Ook regelen in de VS de Telco’s graag je betaling achteraf via de telefoonrekening. Nieuwe startups storten zich in het online betalen zoals Affirm en Boku. Daarnaast zijn er mogelijkheden om te betalen met ‘tijd’ en het ouderwetste ruilen is ook terug van weggeweest. Zo begon Peerby een app waarbij een buurt gemakkelijk gereedschap of andere zaken aan elkaar kan uitlenen. Zo hoeft niet iedereen een klopboor te bezitten. Kleding leasen? Ook dat kan bij Mudjeans.

Kleding leasen bij Mudjeans

Kleding leasen bij Mudjeans

Nieuwe valuta

Als klap op de vuurpijl beginnen er nu ook valuta te komen waar geen land of bank haar invloed op kan uitoefenen. Virtuele valuta als Bitcoin en Litecoin zijn hier voorbeelden van. De koersen zijn nog erg volatiel, maar dat is alleen een probleem omdat er nog geen gesloten economische cirkel is en Bitcoins omgewisseld moeten worden. Wanneer we betaald krijgen in Bitcoins en deze Bitcoins ook weer kunnen uitgeven is koers niet van belang. De VS heeft Bitcoin al als legaal betaalmiddel uitgeroepen. Dat is niet voor niets: Bitcoin is geen probeersel, maar een goed doordacht concept waar op 23 november 2013 meer dan 10 miljard dollar in om ging. We zullen hier zeker niet het laatste van hebben gehoord.

Visualisatie door derden

In de Verenigde Staten hebben de meeste banken een API beschikbaar. Hierdoor zijn er veel partijen opgestaan die inzicht kunnen geven in je financiële huishouden. Mint is daar een mooi voorbeeld van. In Nederland probeert Themoneyer dit ook te realiseren, maar moet de gegevens via een enorme omweg verkrijgen, want de banken willen natuurlijk geen API. De banken willen graag zelf inzicht bieden om zo ook te kunnen cross en upsellen. Bij de meeste banken is het met het inzicht geven droevig gesteld. KNAB van AEGON is hierin nog het meest geslaagd, maar vraagt er weer te veel geld voor.

Waar een wil is…

Veel mooie nieuwe initiatieven waar ik de komende tijd in meer detail over zal schrijven. Gaan deze initiatieven binnen 10 jaar leiden tot het kunnen leven zonder bank? Laat ik die vraag beantwoorden met een wedervraag: Als dat zou kunnen, zou u dat dan willen? Ik in ieder geval wel. En als er een vraag is, dan is er ook een markt.

Standaard
Efinancials, Event verslag, toekomst

Efinancials 2013 | Minority Report

Back to the Future

Als wij een voorstelling maken van de toekomst dan is dat veelal een mix tussen StarTrek en Minority Report. En vroeger nog een beetje ‘Back to the Future’, alleen de datum in de toekomst waar Marty heen reisde is al over 2 jaar (21 oktober 2015). We worden oud. Als er dan een spreekbeurt is van een bedrijf dat zich richt op ‘natural interfaces’ en toekomstige interacties, dan ben ik natuurlijk zeer benieuwd. Zeker om te bezien of de beroemde film wordt aangehaald. Dat was helaas het geval.

Minority-report-UI

Snoepjes

Head Candy, een startup uit Utrecht, neemt de producten van Microsoft als de Kinect en de nieuwe Surface tables en probeert hier het maximale uit te halen waar het gaat om interactie. Zo zien we een demofilm met iemand voor het raam van de Rabobank, met gebaren scrolled door het lokale huizen aanbod. En een service center van ING waar klanten druk in de weer zijn met een wand en het arrangeren van documenten.

Het gaat om relevantie

De techniek staat inderdaad steeds meer toe. We hebben niet eens meer die handschoenen van Tom Cruise nodig om te interacteren met systemen: de Kinekt of de Leap Motion is het enige dat je nodig hebt. Toch zie ik veel meer toekomst in intelligente systemen die op het juiste moment de juiste informatie kunnen voorschotelen zodat die hele interactie niet meer nodig is.

Filmmakers hebben een grotere invloed op de toekomst dan je in eerste instantie zou denken

Tom Cruise IS de toekomst

Veel van de ‘interacties van de toekomst’ komen mij nog wat gekunsteld voor. Zitten mensen echt te wachten op een scherm in de eettafel? Staan we straks massaal met onze kinderen documenten op een muur te schikken? Het is goed dat het onderwerp onderzocht wordt en dat we weten wat werkt en wat niet. Eén ding is zeker, we zullen de toekomst laten lijken op Minority Report. Niet omdat dat onvermijdelijk is, maar een self-fulfilling prophecy.

Standaard
Efinancials, Event verslag, Optimalisatie, Performance

Efinancials 2013 | Niet vergeten: performance

Optimaliseren

Het is al vaker gezegd: het werk begint pas nadat de nieuwe website is gelanceerd. Een belangrijke uitdaging daar is optimalisatie. Er moet gemeten worden, getest en weer gemeten. Om vervolgens plannen te bedenken om goed onderbouwde veranderingen door te voeren.

Philips Lightning & Measure works op de efinancials 2013 in het spant in bussum

Philips Lightning & Measure works op de efinancials 2013 over performance en User Experience

Je krijgt 1 seconde

Ik richt me bij verbeteringen eerder op interactie en design. Maar er is meer onder de zon. MeasureWorks bekijkt met name de performance van een online omgeving. Matthew Niederberger laat een voorbeeld zien van H&M, waar de site 4,5 seconden nodig heeft om te laden. Hij vergelijkt het met een gesprek, waarbij je klant een vraagt stelt en je pas na 4,5 seconden met een antwoord komt. Wat dat betreft zijn bezoeker onverbiddelijk: het moet snel en anders zoek ik wel iemand anders.

Boute uitspraak

Klanten waarderen volgens Niederberger een omgeving 15% tot 20% slechter dan in werkelijkheid. Dat is een interessant uitspraak, mentale omdat ze wel erg veel vragen oproept. Is de werkelijkheid dan anders dan hoe iemand een omgeving ervaart? En hoe meet je die ‘werkelijkheid’ dan? Uiteindelijk lijkt de boodschap, dat slechte performance je zwaar aangerekend wordt. Gebruikers lijken zelf het design slechter te waarderen als de performance laag is.

“Als een video van Philips op Youtube niet inlaadt, dan wordt dat Philips aangerekend, niet Youtube”

De nieuwe hype: lange pagina’s

Jeroen Tjepkema ging in op de performance verbeteringen gewerkt hadden voor de site van de nieuw geïntroduceerde Philips Hue. Geheel volgens de nieuwe hype had men een pagina gecreerd met een zeer lange scroll. Die leek niet te performen, maar ik vrees dat dat meer een content probleem was. Een slechte opbouw en geen goed verhaal. Als het iets bewijst is het maar weer dat je niet elke designhype klakkeloos kunt overnemen. Als de content zich er niet voor leent, of niet juist wordt opgesteld, dan werkt het design niet meer versterkend, maar juist verzwakkend.

Optimaleren is niet alleen IO en Design

MeasureWorks heeft een goed onderwerp aangesneden; bureau’s willen bij optimalisatie zicht nog wel eens exclusief richten op interactie en design. Maar performance kan zeker zo nuttig zijn om te bekijken en te optimaliseren. Wat een omgeving kan nog zo mooi zijn, als het traag is of op een andere wijze te veel tijd kost om te bekijken, dan is de klant onverbiddelijk.

Standaard
Beleggen, Dashboarding, Efinancials, Event verslag, Storytelling

Efinancials 2013 | Heb je Evi voor mij

Zelf doen

Nederlanders houden wel van beleggen. En, we willen het graag ZELF doen. Maar daar is helaas niet iedereen capabel genoeg voor, al zien we dat zelf graag anders. Hoe stellen we een portefeuille samen, wanneer verkopen we, wat is de lange termijn strategie? Van Lanschot heeft daar een antwoord op bedacht: Evi.

Evi van Lanschot

Hulp

Het blijkt dat 50% van de beleggers eigenlijk het liefst zonder tussenkomst van een expert aan het beleggen slaat. Om deze groep sturing en ondersteuning te bieden, heeft van Lanschot een tool ontwikkeld die de belegger ondersteund. Het brengt geautomatiseerd het beleggingsprofiel in kaart, stelt samen met de belegger een goed gebalanceerde portefeuille samen en probeert een belegger te weerhouden van paniekreacties.

Een vrouw tussen de mannen

Het concept van het systeem, legt Andries van Luijk uit, bleek veel vrouwelijke eigenschappen te bezitten. Het zou zorgzaam, attent en hulpvaardig moeten worden. Evi werd geboren. Ik kan me voorstellen dat naast het mannelijke BINCK en Alex een Evi ook een mooie positionering is in de markt.

Van alles veel

Van Luijk laat uitgebreid zien hoe het systeem werkt. Wat ik zie zijn cijfers, cijfers en nog eens cijfers. Grafieken, tabellen en getallen. Ik moet denken aan de presentatie die ik in de ochtend heb gehouden. Financiële instellingen communiceren graag met tabellen en grafieken. Daarmee kun je alles tegelijk tonen en zeggen. Maar het zou juist zoveel fijner zijn als een systeem beter prioriteiten stelt, de zaken opbreekt in hapklare brokken en het geheel menselijker maakt.

50% van de beleggers wil eigelijk het liefst zonder tussenkomst van een expert beleggen

Evi heeft een snor

De vrouwelijke eigenschappen van Evi waren moeilijk te ontdekken in het met testosteron overladen dashboard van Evi. Men heeft zich volledig gestort op de functionaliteit en minder op het doortrekken van het concept ‘Evi’. Daar ligt een mooie kans voor van Lanschot.

Niet iedereen is een financieel expert

Financials hebben slecht oog voor de financiële onwetendheid van hun bezoekers. Uit gebruikerstesten blijk dat consumenten moeite hebben met het interpreteren van grafieken en tabellen. Maar wellicht zitten de klanten van Van Lanschot al wat beter in de materie. Een systeem of portal werkt krachtiger als zaken worden opgesplitst en er duidelijk een volgorde van belangrijkheid is. Op dat vlak kan Evi nog wat ‘zachter’ worden.

Standaard